Wat betekent het olielampje?
Het olielampje is een tekening van een oliekannetje met een druppel. Rood betekent dat de oliedruk te laag is. Dat is iets anders dan een laag oliepeil: bij een goed peil kan de druk ook wegvallen, bijvoorbeeld door een defecte pomp.
De olie smeert en koelt de motor. Zonder druk raken metalen delen elkaar. Daarom is een rood olielampje een van de lampjes waarbij je meteen stopt. Volvo zegt in de handleiding: zet de motor onmiddellijk af en controleer het oliepeil. Kia waarschuwt dat doorrijden tot een motorstoring kan leiden.
Het lampje wordt ook oliedruklampje genoemd. Bij sommige auto's is er daarnaast een oranje of geel olielampje dat het oliepeil of onderhoud aangeeft.
Wat zegt de kleur?
- Rood
- Oliedruk te laag. Stop direct, zet de motor uit en controleer het peil. Blijft het lampje branden, bel pechhulp en rijd niet verder.
- Oranje of geel
- Bij sommige merken meldt oranje of geel een laag oliepeil of olieonderhoud. Controleer het peil en laat het nakijken.
Meest voorkomende oorzaken
| Oorzaak | Herkenning | Wat te doen |
|---|---|---|
| Te weinig olie | Peil onder de minimummarkering op de peilstok | Bijvullen met het juiste type en laten uitzoeken waar het verlies vandaan komt. |
| Lek | Olievlekken onder de auto, olie op de motor | Naar de garage. Houd het peil in de gaten. |
| Te lage oliedruk door een defecte pomp of slijtage | Peil is goed, maar het lampje is rood | Niet rijden. Pechhulp bellen. |
| Verkeerde of oude olie | Lampje brandt vooral bij warme motor in stationair | Laat de olie en het filter controleren. Het type staat in de handleiding. |
| Defecte oliedruksensor of storing in het systeem | Lampje brandt, maar de motor klinkt normaal | Dat stel je pas vast na controle door een garage. Rijd niet door. |
Wat kun je zelf doen?
- Zet de auto op vlakke grond, zet de motor uit en wacht enkele minuten.
- Trek de peilstok eruit, veeg hem schoon, steek hem terug en lees het peil af. Of kijk in het boordmenu als je auto dat heeft.
- Vul bij met olie van het type uit de handleiding als het peil laag is.
- Zie je olievlekken onder de auto? Meld dat bij de garage.
Wanneer naar de garage?
- Het lampje blijft branden na bijvullen.
- Je moet vaak olie bijvullen.
- Het peil was goed, maar het lampje brandde rood.
- Je hoort een tikkend of ratelend geluid uit de motor.
Het lampje resetten of uitzetten
Een rood olielampje negeer je niet en reset je niet. Een oranje onderhoudsmelding dooft na een servicebeurt. Zie ook het servicelampje.
Je ziet het lampje: dit doe je in volgorde
- Zet zo snel mogelijk de auto stil op een veilige plek en zet de motor uit.
- Wacht enkele minuten, zodat de olie terug in de carter kan lopen. Dat staat in veel handleidingen. Kijk in die van jouw auto hoe lang.
- Controleer het peil op vlakke grond: peilstok eruit, schoonvegen, terug, weer eruit en aflezen. Het peil hoort tussen MIN en MAX.
- Staat het onder MIN, vul dan bij met het juiste type olie, in kleine hoeveelheden, en controleer na elke keer.
- Gaat het lampje na starten niet uit, of staat het peil al goed? Rijd niet verder en bel je pechhulp.
Hoeveel olie moet je bijvullen?
Een vast aantal liters is er niet. Het hangt af van hoeveel er ontbreekt. Het verschil tussen MIN en MAX is per motor anders. Vul dus rustig bij en lees telkens af. Zit het peil boven MAX, dan is dat ook niet goed. Het juiste type olie staat in de handleiding.
Hoe lang mag je rijden met een oranje olielampje?
Dat hangt af van wat jouw auto met oranje bedoelt. Bij sommige merken meldt het een laag peil, bij andere een onderhoudsbeurt of een storing in de oliesensor. Controleer het peil bij een koude motor op vlakke grond. Is het laag, vul dan bij. Is het goed, maak dan een afspraak voor de komende dagen. Wordt het lampje rood, dan stop je.
Rood of oranje: de kleur telt
Het rode lampje gaat over druk, niet over peil. Een rood lampje vraagt om direct stoppen, ook als je het peil net hebt gecontroleerd. De ANWB zegt het zo: stop direct, controleer het peil en blijft het lampje branden, belt dan de Wegenwacht en rijd niet verder.
Wat de vier adviezen betekenen
- A Gewoon doorrijden
- Informatie of geen storing. Je hoeft niets te doen.
- B Doorrijden en zelf oplossen
- Bijvullen, tanken, bandenspanning of een deur die niet dicht is. Je lost het zelf op en rijdt door.
- C Rustig naar de garage
- Laat de auto binnen enkele dagen nakijken. Rij rustig en zonder zware belasting.
- D Nu stoppen
- Stop zodra het veilig kan, zet de motor uit en bel je pechhulp. Lees ook pech langs de weg.