Wat betekent het bandenspanninglampje?
Het symbool is een doorsnede van een band met een uitroepteken erin. Het hoort bij het bandenspanningscontrolesysteem. Niet elke auto heeft zo'n systeem. Michelin schrijft dat het in Europa sinds 1 november 2014 verplicht is voor nieuwe auto's, dus een jongere auto heeft het vrijwel altijd.
Er zijn twee soorten. Een direct systeem heeft een sensor in de band of het ventiel die de spanning meet. Een indirect systeem rekent de spanning uit de draaisnelheid van de wielen, dezelfde gegevens die ook ABS en ESP gebruiken. Een zachtere band is iets kleiner en draait daardoor sneller.
Het verschil merk je in de praktijk. Michelin beschrijft dat een indirect systeem pas waarschuwt als een band ongeveer 20 procent van zijn lucht is kwijtgeraakt. Controleer de spanning daarom ook zonder lampje elke maand zelf.
Een lampje dat eerst knippert en daarna constant brandt, meldt vaak een storing in het systeem zelf. Kijk in de handleiding van je auto hoe jouw auto dit aangeeft.
Wat zegt de kleur?
- Oranje of geel
- Oranje of geel is de gebruikelijke kleur. Constant: een of meer banden zijn te zacht. Controleer ze snel. Knipperend en daarna constant: mogelijk een storing in het systeem. Kia schrijft in de handleiding: constant betekent dat een of meer banden aanzienlijk lucht hebben verloren, knipperend betekent een storing in het systeem. Bij andere merken kan dit anders zijn.
Meest voorkomende oorzaken
| Oorzaak | Herkenning | Wat te doen |
|---|---|---|
| Koud weer of net gewisselde banden | Lampje komt na een koude nacht of na een wissel | Banden bijpompen tot de juiste spanning. |
| Langzaam lek | Spanning daalt na bijpompen telkens weer | Laat de band nakijken op een gaatje of een lekke ventiel. |
| Lekke of beschadigde band | Band zichtbaar zacht, de auto trekt scheef of trilt | Stop veilig. Reserveband, bandenreparatieset of pechhulp. |
| Systeem niet hersteld na bijpompen | Banden zijn goed, het lampje blijft branden | Herstel het systeem via menu of knop, zie de handleiding. |
| Storing in sensor of systeem | Lampje knippert eerst en blijft daarna branden | Laat het in een garage of bij een bandenspecialist nakijken. |
Wat kun je zelf doen?
- Controleer alle vier de banden met een bandenspanningsmeter. Doe dat bij voorkeur als de banden koud zijn.
- Pomp op tot de spanning uit de handleiding of van de sticker in de deurpost of tankklep.
- Kijk of een band zichtbaar zacht is of er iets in zit, zoals een spijker.
- Herstel het systeem na het bijpompen als de handleiding dat voorschrijft.
Wanneer naar de garage?
- Een band wordt na bijpompen opnieuw zacht.
- Het lampje blijft branden terwijl alle banden goed zijn.
- Het lampje knippert en blijft daarna branden.
- De auto trilt, trekt scheef of de band is beschadigd.
Het lampje resetten of uitzetten
Bij veel auto's gaat het lampje vanzelf uit na bijpompen en een stukje rijden. Bij andere moet je het systeem via het menu of een knop herstellen. Dat staat in de handleiding. Zet het lampje nooit uit zonder de banden te controleren.
Hoe controleer je de bandenspanning goed?
- Meet bij koude banden: na hooguit een paar kilometer rijden. Warme banden geven een hogere waarde.
- Zoek de juiste waarde in de handleiding of op de sticker in de deurpost of tankklep. De waarde kan voor en achter verschillen en hangt af van de belading.
- Draai de ventieldop los, druk de meter stevig op het ventiel en lees af. Doe dit bij alle vier de banden.
- Pomp bij of laat lucht af tot de waarde klopt. Vergeet de reserveband niet als je die hebt.
- Zet de ventieldop terug.
Een meter bij een tankstation kan afwijken. Twijfel je, vergelijk dan met een eigen meter.
Reset en kalibreren
Veel auto's herkennen na het bijpompen zelf dat de spanning weer klopt, soms pas na een stukje rijden. Andere vragen om een handeling in het menu of op een knop. De ANWB schrijft dat de Wegenwacht kan uitleggen hoe je het systeem reset. Pomp dus eerst op en reset daarna. Wie het systeem reset zonder de banden te corrigeren, houdt een systeem dat de verkeerde waarde als normaal ziet. Volgens Michelin moet een specialist het systeem opnieuw instellen als je andere bandenmaten monteert.
Bandenspanninglampje en de APK
Volgens het APK-handboek van de RDW mag de waarschuwingsinrichting van het bandenspanningssysteem geen storing aangeven bij auto's die na 31 december 2017 in gebruik zijn genomen. Bij oudere auto's gaat het om een reparatieadviespunt. Zorg dus dat het lampje uit is voordat je naar de keuring gaat.
Sensoren en kou
Bij kou daalt de bandenspanning. Een lampje op een koude ochtend hoeft dus geen lek te betekenen. Een sensor in een direct systeem heeft een batterij. Michelin noemt een theoretische levensduur van 5 tot 7 jaar. Is een sensor leeg, dan krijg je een storingsmelding terwijl de banden goed zijn.
Bandenspanning in bar of psi
De pomp toont soms psi, terwijl de handleiding bar noemt. Reken om met de psi omrekenen naar bar-tool van psinaarbar.nl en pomp op tot de waarde uit de handleiding.
Wat de vier adviezen betekenen
- A Gewoon doorrijden
- Informatie of geen storing. Je hoeft niets te doen.
- B Doorrijden en zelf oplossen
- Bijvullen, tanken, bandenspanning of een deur die niet dicht is. Je lost het zelf op en rijdt door.
- C Rustig naar de garage
- Laat de auto binnen enkele dagen nakijken. Rij rustig en zonder zware belasting.
- D Nu stoppen
- Stop zodra het veilig kan, zet de motor uit en bel je pechhulp. Lees ook pech langs de weg.